't Handboek JOTA-JOTI – Kortegolf - HF antennes
't Handboek JOTA-JOTI JOTA-JOTI logo

Home > On the Air (JOTA) > Antennes > Kortegolf - HF antennes
« vorige volgende »

Kortegolf - HF antennes

Globaal kennen we voor deze frequenties 'draadantennes' en 'beams'.

Draadantennes

Draadantennes zijn antennes die gemaakt zijn van elektriciteitsdraad en hangen tussen bomen, en of masten. Ze worden aangesloten op de zender met behulp van een dunne coaxkabel of een 'kippenladder' Meestal wordt er door de radioamateur een 'tuner' tussen geplaatst om de antenne aan te passen aan de zender.

De normale draadantenne is een 'dipool' antenne. Deze antenne heeft de 1/2 golflengte van de band waarop je werkt en heeft een aansluiting in het midden. Dus werk je op de 80 meter band dan heeft de antenne een lengte van 40 meter.

In de onderstaande figuren staan een antenne met een coax en een kippenladder getekend.
Coax
Kippenladder.

De hoogte van de antenne boven de grond heeft ook invloed op het bereik van de zender. Dit is alleen net even te moeilijk voor in dit handboek daarom adviseren wij je er eens over te praten met je zendamateur.

Heb je geen bomen en wel een JOTA toren dan kun je uiteraard je antenne ook in de toren hangen. In het onderstaande voorbeeld wordt bijvoorbeeld de draad antenne als een 'inverted-V' gehangen. Deze antenne werkt erg goed bij een JOTA.
Inverted-V

Draadantennes zijn eenvoudig zelf te maken en daar mee een prima project voor een opkomst. Bovendien zorg je op deze manier er voor dat jou groep zijn eigen antennemateriaal krijgt.

Beams

Een 'beam' is een richtantenne die vooral op de hogere HF-banden werken. Deze antennes moeten op een rotor worden geplaatst om op afstand gedraaid te kunnen worden.

Een beam is een antenne die de radioamateur aanbiedt. Deze antenne is niet eenvoudig te plaatsen en zeker geen antenne voor de beginnende JOTA deelnemer. Het vergt flink wat extra tijd en voorbereiding.

Beam op de JOTA toren

Advies voor de radioamateur:

Gebruik bij voorkeur monobandantennes en goede kabels en/of open voedingslijnen. Dit voorkomt overspraak op andere stations tijdens het zenden en storingen in de buurt.

Gebruik bij meerdere HF-stations een externe HF- tuner. Deze tuner geeft bij zenden en ontvangen extra filtering en kan het vaak mogelijk maken om met meerdere stations op een kleine afstand van elkaar kunnen uit te komen. Vooral bij kleine zendontvangers zonder selectieve in- en uitgangsfilters kan dit een grote verbetering geven.